Ringers verkeren in een aantal opzichten in een opmerkelijke positie. De belangrijkste daarvan is dat u vogels mag vangen en uit het vangmiddel moet verwijderen. U kunt die vogels determineren terwijl u ze mag vasthouden, een bevoorrechtte positie.

Het stelt u in staat allerlei biometrische maten te noteren en van zeer dichtbij foto’s te maken. In de praktijk zal bij het grootste deel van uw vangsten de determinatie niet op bijzondere problemen stuiten, klassieke valkuilen als Kleine Karekiet - Bosrietzanger en pull Zilvermeeuw - Kleine Mantelmeeuw even buiten beschouwing gelaten. Een goed digitaal overzicht met vele foto's van allerlei vogels in de hand vindt u hier.

Een heel enkele keer vangt u een vogel die minder vaak in Nederland wordt waargenomen. In dat geval wordt van u verwacht dat u uw determinatie kunt staven met meer dan voldoende ter zake doende biometrische gegevens aan de hand van determinatiegids(en) die up to date is (zijn), en een zo volledig mogelijke beschrijving, inclusief foto’s en eventueel video, van het verenkleed. Deze documentatie dient bij Vogeltrekstation te worden aangeboden anders kunnen we uw determinatie niet ondersteunen.

Integraal onderdeel

Een vaak gehoorde opmerking is dat er geen tijd is om een beschrijving te maken omdat het te druk is met vogels; men wijst dan op het belang van de vogels. Toch hoeft dat de documentatie van de determinatie niet uit te sluiten. Bent u alleen? Rondje lopen, netten dichtdoen, vogels verwerken en vervolgens de zeldzaamheid afhandelen. Meer dan een uur in een zakje is dan echt niet nodig. Documentatie van zo'n vangst hoort gewoon integraal bij de verantwoorde, wetenschappelijke afhandeling van de vangactiviteiten. Waarschuwt u collega ringers om te komen helpen of fotograferen.

Als u een vogel vangt die op de onderstaande lijst is aangegeven als zeldzaam dan kan de CDNA (en dus ook het Vogeltrekstation) uw determinatie slechts dan ondersteunen als die gestaafd wordt door het nodige documentatiemateriaal van ter zake doende kenmerken zoals biometrische gegevens, een uitgebreide beschrijving van het verenkleed en foto’s. Die door u verzamelde gegevens moeten naar het Vogeltrekstation of rechtstreeks naar de CDNA (Commissie Dwaalgasten Nederlandse Avifauna) worden opgestuurd.

CDNA

Om onzekerheden het hoofd te bieden en duidelijkheid te verschaffen over wanneer wel en wanneer niet, wordt een lijst in het leven geroepen met vogelsoorten waarvan u als ringer wordt verwacht wél uw determinatie te kunnen staven met voldoende documentatie materiaal. Voor de samenstelling van deze lijst is contact gezocht met de Commissie Dwaalgasten Nederlandse Avifauna (CDNA), binnen de Nederlandse ornithologie de ‘terzake doende’ commissie op dit gebied. De CDNA werkt al jarenlang met een dergelijke lijst. Het Vogeltrekstation heeft geen behoefte het wiel opnieuw uit te vinden en is van mening dat die lijst een uitstekend houvast is voor de ringer. Uw documentatie materiaal betreffende een vogel van die lijst gaat naar de CDNA, via Vogeltrekstation of regelrecht.

Henk van der Jeugd
Vogeltrekstation
Postbus 50
6700 AB Wageningen
André van Loon
contactpersoon ringzaken CDNA
Kastelenstraat 45-2
1083 CB Amsterdam

Op deze lijst hoort natuurlijk ook iedere soort en ondersoort die nieuw is voor de Nederlandse Avifauna en dus niet op deze lijst is vermeld. Ook hybriden tussen een zeldzame soort en een andere soort moeten worden opgestuurd (bv. Pleskes Mees: Parus cyanus x caeruleus).