Thetford, Norfolk (UK) 29 juni 2010 - Wetenschappers van de British Trust for Ornithology (BTO) zijn er in geslaagd een Nachtegaal te volgen van zijn broedplaats in het Engelse Norfolk naar zijn overwinteringsgebied in Afrika. De mannelijke Nachtegaal met kleurring en code OAD verliet Groot Britannie op 25 Juli vorig jaar na zijn broedpoging in Norfolk, en vloog over Frankrijk en Spanje langs de kust van West Afrika naar Guinea-Bissau, een voormalige Portugese kolonie en een van Afrika's kleinste en minst bekende land, waar hij de winter doorbracht. Hij keerde terug naar Groot Britannie in April.

Het volgen van de vogel tijdens deze formidabele 4500 kilometer lange tocht was mogelijk dankzij een miniscule "data logger" die de vogel op zijn rug droeg, en die informatie gaf over waar de vogel precies naar toe ging in de winter.

Het onderzoek betreft werkelijk een wetenschappelijke doorbraak. Hoewel grotere vogels zoals bijvoorbeeld Visarenden, ganzen en Ooievaars al enige tijd gevolgd kunnen worden op hun reizen m.b.v. GPS-satellietzenders, waren er tot nu toe nog geen loggers die klein genoeg waren om toegepast te worden op zangvogels. Met behulp van zogenaamde 'geolocators', kleine apparaatjes die heel nauwkeurig de lichtintensiteit en de tijd van de dag meten, is het mogelijk een ruwe plaatsbepaling te doen. De nieuwste generatie geo-locators is nu zo klein geworden dat ze op de rugveren van zangvogels geplakt kunnen worden. Onlangs hoorden we in Nederland al over de resultaten van het gebruik van geolocators bij Friese Kieviten die ruim twee gram wogen. De geolocator die Nachtegaal OAD meedroeg woog minder dan een gram en was zo groot als een overhemdsknoopje. Onderzoek met dit soort geolocators gaat ongetwijfeld een belangrijke rol spelen binnen het onderzoek naar de recente achteruitgang van trekvogels die in Afrika overwinteren.

Nachtegaal OAD werd op 2 mei 2009 gevangen nabij Methwold Hythe in Norfolk, en uitgerust met een miniatuur-geolocator door onderzoekers van de British Trust for Ornithology (BTO), een zusterorganisatie van het Vogeltrekstation. Geolocators zijn oorspronkelijk ontwikkeld door de British Antarctic Survey om albatrossen mee te volgen. De veel keinere geoloactor die OAD droeg is ontwikkeld door de Swiss Ornithological Institute. Geolocators kunnen zo klein zijn omdat ze de informatie niet naar een satelliet zenden, maar opslaan op een chip. Dat brengt met zich mee dat de vogel moet worden teruggevangen om de gegevens te kunnen uitlezen. Dat is echter niet onmogelijk: De ondezoekers van de BTO voorzagen 20 nachtegalen van geolocators in 2009, en dit voorjaar vingen ze er daarvan 7 terug, allemaal in hetzelfde deel van Norfolk.

De techniek is nog niet perfect, want 5 van de 7 geolocators bleek niet gewerkt te hebben, één had het een tijdje gedaan, en alleen de geolocator van OAD had de gehele najaarstrek, de overwinteringsperiode en het begin van de voorjaarstrek vastgelegd. De vogel werd 50 meter van zijn vorige nest teruggevangen. Na het broedseizoen in 2009 verliet OAD de Engelse kust eind juli op de grens van Kent en Sussex, vloog het Kanaal over, dwars door Frankrijk heen en vervolgens halverwege augustus over de Pyreneen Spanje in. Daarna volgde de vogel de Spaanse Oostkust, en stak bij Almeria de Middelandse Zee over naar Marokko. Daar bleef de vogel drie weken van eind augustus tot half september om bij te tanken. Dit soort stop-over plaatsen zijn waarschijnlijk van groot belang voor trekkende zangvogels. na de rustperiode vervolgde OAD zijn weg langs de Atlantische kust van Afrika, door de Westelijke Sahara en Mauretanie, naar Senegal en tenslotte naar Guinea-Bissau, waar hij half december aankwam. Daar blijf hij zes weken hangen. De voorjaarstrek werd aangevangen in februari van dit jaar, en daarna is de geolocator gestopt met werken. De vogel moet half april in Norfolk zijn aangekomen en werd teruggevangen op 9 Mei.

Juist de periode dat de vogels buiten Europa verblijven is een 'black box', en er komen te weinig terugmeldingen van geringde vogels uit dit deel van de wereld binnen om uitspraken te kunnen doen over waar de vogels percies naartoe gaan. Wat dat betreft is dit een echte revolutie, en zullen we de komende jaren veel gaan leren.